Minister roept transportsector op WLS te gebruiken

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

Waarschuwingsregister Logistieke Sector (WLS)
“Het WLS is er niet voor niets” zegt minister Opstelten van Veiligheid en Justitie. Samen met Egbert-Jan van Asselt, projectmanager infrastructuur bij de Nationale Politie, roept hij op om personeel beter te screenen om zo de 350 miljoen euro schade die de sector jaarlijks lijdt als gevolg van criminaliteit en fraude, terug te dringen.  In dat kader is ook TAPA certificering van belang.  Steeds meer bedrijven gaan er toe over warehouses en vrachtwagens volgens de  TAPA FSR en TSR standaards te beveiligen. Opdrachtgevers bepalen vaak hun keuze voor een opslag- of transportpartner mede aan de hand van de mate van beveiliging. Ook hierin is personele integriteit een belangrijk aandachtpunt en kan het gebruik van het WLS meewegen in de audit die tot certificatie leidt. De combinatie TAPA en WLS leverde transportbedrijf Van der Valk uit Amsterdam zelfs de ‘Wel Zo Veilig Award’ 2014 op. Deze en andere onderwerpen vindt u uitgebreid in de nieuwsbrief van het waarschuwingsregister Logistieke Sector.

lees meer

 

 

 

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

Man of vrouw in witte jas fraudeert niet!

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

Door Maarten Uri (ook verschenen in Krammer nieuwsbrief ‘Facts&Ringen’ juli 2014

arts masker

Dat sommige reizigers proberen een stukje van de reissom terug te verdienen via de reisverzekering, of gebouweigenaren soms ‘uit de brand’ proberen te komen via de brandverzekering, is al tientallen jaren bekend. Maar de dokter? Nee, de man of vrouw in de witte jas is onkreukbaar en declareert geen cent te veel. Dachten we. Inmiddels weten we beter, ook in de zorgsector komt regelmatig fraude voor. Zorgverzekeraars wapenen zich om dit te voorkomen en op te sporen. Mede dankzij de inzet van Facts! voor registratie, workflow management en het generen van managementinformatie, wordt fraudebestrijding in de zorg efficiënter en effectiever.

Renate Wijnands is manager Speciale Zaken bij Achmea Zorg. Wijnands: “een jaar of 11 geleden was ik één van de eerste fraudespecialisten bij Achmea Zorg. We moesten toen eerst ons bestaansrecht bewijzen door aan te tonen dat fraudebestrijding een noodzakelijke bezigheid was. Dat bleek geen probleem te zijn. Een snelle inventarisatie leverde een grote stapel signalen van mogelijke fraude op. We konden dus meteen volop aan de slag. Inmiddels is mijn afdeling 24 personen groot en werken we voor de hele Achmea zorgdivisie. Iedere maand ontvangen we tussen de 100 en 150 signalen van mogelijke fraude met basisverzekering, aanvullende verzekering of AWBZ (vooral PGB). Zo’n 80% daarvan blijkt na onderzoek gelukkig geen fraude te zijn. Vaak is sprake van een administratieve vergissing. Maar bij zo’n 20% is wél sprake van  onregelmatigheden en dat kan om miljoenen gaan. Soms hebben we te maken met een verzekerde, maar meestal is het de zorgverlener die bijvoorbeeld dure behandelingen declareert terwijl een goedkope, andere of geen behandeling is uitgevoerd. Wat we ook nogal eens zien is dat tijd gedeclareerd wordt voor het maken van medicijnen terwijl deze in werkelijkheid bij de groothandel zijn besteld. Door goed te registreren en te analyseren ontdekken we veel manieren om meer te declareren dan is toegestaan”.

Informatie aan toezichthouder en overheid
Indien optimaal gebruikt, is Facts! niet alleen de bron voor interne beleidsvorming, maar levert het ook informatie die extern van grote waarde is. Bijvoorbeeld voor de toezichthouder en de overheid. Wijnands: ‘Denk bijvoorbeeld aan de PGB fraude. We zien dat dit regelmatig voorkomt en rapporteren daarover via de koepelorganisatie ZN aan het Verzamelpunt Zorgfraude [1]zodat gezamenlijk actie kan worden ondernomen. Een gesignaleerd probleem is bijvoorbeeld het terugvorderen van te veel betaalde PGB’s. De fraude wordt veelal gepleegd door een intermediair. Echter juridisch gezien moeten we het geld terughalen bij de houder van de PGB en moet deze de intermediair aanpakken. Maar de houder heeft vaak geen idee van wat er gebeurt met zijn PGB en heeft niets te maken met de fraude. Hij kan het meestal ook niet betalen en zou dan een juridische strijd aan moeten gaan met de intermediair. Dat is een ongewenste situatie waar we graag samen met de overheid wat aan willen doen. Door de informatie die wij leveren aan de koepelorganisatie kunnen dit soort zaken tijdig worden gesignaleerd en worden gedeeld met de instantie die hiervoor verantwoordelijk is.”

 

 

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

Opportunisten en roofdieren

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

logofactsfacts  Fraudeur in bedrijf vaak iets oudere manager

auteur: Maarten Uri. Ook verschenen in nieuwsbrief Facts! & Ringen

Fraudeurs bij bedrijven zijn vaak werknemers tussen de 36 en 45 jaar die langere tijd in  dienst zijn. Bovendien komt het regelmatig voor dat de fraudeur deel uit maakt van het management van de onderneming. Dit blijkt uit een in november gepubliceerd internationaal onderzoek van KPMG Forensic, waarbij zo’n 600 fraudegevallen in de periode 2011 en 2013, werden geanalyseerd.

Eén op de vier fraudes binnen ondernemingen wordt gepleegd door het hoger management en bijna 30 procent door de bestuurders zelf. Daarnaast is steeds vaker sprake van een gezamenlijk delict in plaats van een actie door één persoon.

Grote schade
KPMG onderscheidt 2 soorten fraudeurs: de opportunist en het roofdier. De eerste heeft bij de start van zijn of haar loopbaan niet de intentie om te frauderen, maar wordt meestal gedreven door een persoonlijk probleem dat met geld is op te lossen. Wanneer de kans zich voordoet in het bedrijf kan daarvan dus gebruik gemaakt worden. Het ‘roofdier’ is bewust uit op zelfverrijking door fraude en zoekt organisaties uit waar hij of zij dit mogelijk acht. Het roofdier is goed voorbereid en vaak handig in het verbergen van frauduleuze acties voor audits en andere controle mechanismen. Wanneer een fraudeur alleen werkt is in 41% van de gevallen de schade hoger dan € 350.000. In 70% van onderzochte fraude was sprake van samenwerking. Dan is in 59% de schade hoger dan € 350.000 en in 16% zelfs hoger dan 3.5 miljoen Euro.

Pré- in-employment screening
Pré- en in-employmentscreening wordt door steeds meer bedrijven serieus genomen. Dat gaat inmiddels vaak veel verder dan de traditionele referentie en de Verklaring omtrent het Gedrag (VOG).  Binnen de financiële dienstverlening maken steeds meer bedrijven gebruik van de mogelijkheden die Facts!  biedt om bij te dragen aan het verifiëren van de achtergrond van een kandidaat of een zittende werknemer (vaak wordt periodiek een onderzoek gedaan). Maar ook in bijvoorbeeld de transport en logistiek sector gaan steeds meer bedrijven verder. Ondermeer met behulp van het Waarschuwingsregister Logistieke Sector, dat bedrijven onderling waarschuwt tegen malafide medewerkers en dat inmiddels bij zo’n 30% van de medewerkers in de sector een rol speelt in het selectieproces. Het WLS wordt technisch en organisatorisch ondersteund door Krammer.

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

Nieuwsbrieven? Ja, maar dan wel goed.

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

Dagelijks ontvang ik zo’n honderd e-mails. Een paar van vrienden en familie, een aantal zakelijke en heel veel van bedrijven en organisaties waar ik kennelijk op de mailinglijst sta. Zoals het reisbureau waar ik 6 jaar geleden een reis boekte, de citroêndealer die een zomercheck aanbeveelt, hele rissen vacatureverzamelaars die allemaal dezelfde aanbesteding hebben gevonden en nu op zoek zijn naar die ene uniek geschikte interimmer. De meesten gaan met één klik naar de ‘misschien-later-als-ik- tijd-heb’map, waaruit ze twee weken later vanzelf verdwijnen… onopgemerkt.

Nieuwsbrieven
Een deel van die mail bestaat uit nieuwsbrieven in verschillende vormen. De eenvoudige platte tekst in een mailtje – die vaak vanwege het te grote aantal links in de spam verdwijnt – maar ook mooi opgemaakte PDF- bijlagen of HTML pagina’s. Het zijn er nogal wat. Een aantal wordt automatisch gegenereerd, gekoppeld aan de content van de website van de afzender, velen komen niet verder dan de ‘weekaanbieding’. Heeft dat zin? Dat ligt eraan. Als je met enorme volumes werkt, zoals Groupon bijvoorbeeld, ja dan is 0,03% conversie al interessant. Maar voor de meeste op kleinere schaal opererende organisaties levert dat niet zoveel op.

Zijn nieuwsbrieven dan zinloos? Nee, zeker niet. Een goede nieuwsbrief draagt bij aan de positionering van je bedrijf of organisatie. Maar je moet wel even nadenken over wie je wil bereiken en waarom eigenlijk en over de beste manieren die daar bij passen. Als je er een omzetdoelstelling aan koppelt leidt dat waarschijnlijk tot een teleurstelling. Maar als je wil werken aan je imago, je positionering, dan kan een nieuwsbrief goed helpen om je te onderscheiden op bijvoorbeeld deskundigheid en visie. De nieuwsbrief heeft dus een communicatiedoel. Indirect draagt dat natuurlijk ook bij aan commerciële doelstellingen.

Online?
Als vanzelf zijn veel communicatiemiddelen verhuisd naar het internet. Logisch, maar toch.. soms zijn offline middelen helemaal zo gek nog niet. Of een combinatie natuurlijk. Voor dat laatste leent een nieuwsbrief zich goed. Ga maar na: veel nieuwsbrieven verdwijnen ongelezen weer uit je inbox. Alleen de echt goeie, met goeie introductieteksten, doordachte onderwerpregels in de mail e.d. krijgen aandacht. Maar een blad op je bureau – gedrukt of geprint – is toch anders. Die neem je even in de hand, blader je door, je leest een artikel met een interessante kop, je neemt ‘m misschien mee naar huis, of geeft ‘m aan een collega. Het offline leven van een nieuwsbrief is heel wat langer en dat is goed voor de afzender. Idealiter doe je natuurlijk allebei, online én offline. Geef je relaties maar de keuze.

Professionele redactie
Als je een impactvolle nieuwsbrief wil maken, online, offline of in combinatie, kies wel voor een professionele aanpak: passende onderwerpen, mensen in beeld met interviews en achtergronden. Kortom een redactionele aanpak om je relaties te betrekken en écht verder te helpen met deskundigheid en visie.

logo Uri  redactie

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

VOG voor zorgbestuurders?

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

VanRijnSchippersZorgbestuurders worden verplicht om bij hun aanstelling een Verklaring omtrent het gedrag (VOG) te overleggen. Minister Schippers en Staatssecretaris van Rijn van VWS kondigden dit aan in hun plannen voor ‘goed bestuur in de zorg’. De Raad van Toezicht van een instelling krijgt de plicht om zich te ‘verge-wissen’ van de goede kwaliteit van een bestuurder.

Goede kwaliteit van bestuurders, niet alleen in de zorg, maar ook in bijvoorbeeld het onderwijs of andere publieke instellingen is natuurlijk essentieel. Je kunt je alleen afvragen of het verplicht stellen van een VOG niet leidt tot de ‘schijn’ van goed bestuurderschap. Een VOG heeft namelijk alleen betrekking op het justitiële verleden. Dat is op zich prima, want wie veroordeeld is  wegens diefstal of – erger – mishandeling of misbruik, hoort niet in het bestuur van een instelling. Een VOG zegt echter niets over iemands bestuurlijke verleden. Bestuurlijke missers met grote consequenties voor een instelling worden niet geregistreerd en worden vaak ook binnenskamers gehouden. Hooguit kom je soms iets tegen als je de juiste relaties hebt of als er media-aandacht is geweest.

In heel wat bedrijfstakken gaat men inmiddels een flinke stap verder in de pre-employmentscreening dan alleen de VOG of traditionele werkgeversreferentie. Bij sleutelfuncties wordt soms diepgaand achtergrondonderzoek gedaan door een gespecialiseerd bureau. In bijvoorbeeld de Transport en Logistiek sector bestaat een onderling systeem van waarschuwen tegen malafide personeel: het Waarschuwingsregister Logistieke Sector. Dit – door het College Bescherming Persoonsgegevens – erkende systeem, wordt door Krammer beheerd en gaat een stap verder dan de VOG. Medewerkers die wegens fraude of criminaliteit zijn ontslagen en tegen wie aangifte is gedaan, kunnen worden geregistreerd. Hierdoor kunnen andere werkgevers weten dat er iets aan de hand is terwijl er nog geen justitiële veroordeling en ook (nog) geen negatieve VOG is.

Natuurlijk kun je niet zomaar iedereen die wel eens een fout heeft gemaakt registreren en daarmee belemmeringen in de weg leggen om in zijn of haar sector verder te kunnen. Aan de andere kant, wanneer bestuurders een organisatie of instelling ernstig in de problemen hebben gebracht kan dat een reden zijn – naar het voorbeeld van het Waarschuwingsregister Logistieke sector – een beschermend systeem te hebben waarmee beter afgewogen besluit genomen kan worden over het al dan niet aanstellen van een bestuurder.

Gepubliceerd in Krammer Nieuwsbrief oktober 2013

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail